Met grote voeten
stommel je door mijn rustig vaarwater.
Dadelijk sla ik om.
Je weet toch
dat ik niet kan zwemmen.
| | | | | | |

Ik durf niet

Ik durf het niet:

Duiken van de hoge.
Tot op de bodem
van mijn hart
dreunt de angst.

Vliegen naar verre landen.
Drie straten verder
dan ons huis
voel ik me al verdwaald.

Springen over de bok.
Bij de derde poging
worden mijn benen
blauw en kreupel.

Duiken, vliegen, springen.
Ach, ik kan best zonder.
Maar één ding
zou ik zo graag kunnen:

ZEGGEN dat ik niet durf.

naar boven terug

Alle teksten copyright Annie van Gansewinkel